Zoeken

Nadruk op kernvakken schaadt het kind

Interview Monique Volman, hoogleraar Onderwijskunde

Vrijdag pleitte Monique Volman in haar inaugurele rede voor een liefdevoller onderwijs.

De Volkskrant 18 juni 2011
Verslaggever Robin Gerrits

Amsterdam

Kernvakken, prestatienormen, verantwoordingscultuur.
Van Monique Volman (50) hoeft het allemaal niet zo. Althans: de nieuwe hoogleraar Onderwijskunde van de Universiteit van Amsterdam plaatst scherpe kanttekeningen bij de huidige nadruk op presteren in het onderwijsbeleid.
‘Als docent heb ik een hekel aan de zesjescultuur en ik gruw van tentamens vol spelfouten. Toch voel ik me ongemakkelijk bij het streven naar het maximaliseren van prestaties, als ik zie dat kinderen van elf op huiswerkinstituten worden voorbereid op de Cito-toets’, zei ze vrijdag in haar oratie.

U heeft de onderwijscontext in een paar jaar drastisch zien veranderen.

‘Vijf jaar geleden, toen ik bijzonder hoogleraar werd op de VU, was het nog heel erg de tijd van het Nieuwe Leren. Daar ben ik ook niet zozeer aanhanger van, maar scholen dachten wel geïnspireerd na over hoe ze kinderen konden bereiken. Daartegen is vervolgens een hetzerige sfeer ontstaan, die je terugvindt bij bijvoorbeeld Beter Onderwijs Nederland, en toen ook in columns in de Volkskrant.’

Maar hadden die ook niet een beetje gelijk?

‘Ik ben niet tegen presteren, maar het debat is veel te gepolariseerd gevoerd. Niemand in het onderwijs vindt dat je kinderen niets moet bijbrengen. Maar zulke karikaturen werden vanuit die hoek wel steeds gevoed. En begrijpelijk dat veel leerkrachten zich gefrustreerd voelden over hoe ze in allerlei vernieuwingen niet gekend waren. Maar beide kampen zijn in de discussie en in hun meningen volstrekt doorgeslagen.’

Wat zijn de risico’s van de nadruk die minister Van Bijsterveldt van Onderwijs legt op kernvakken en prestaties?

‘Het doel van onderwijs is niet prestaties behalen. Het doel is dat kinderen zich ontwikkelen. Prestaties kunnen nooit meer zijn dan indicatoren daarvoor. Maar door de grote nadruk daarop, dreigt het hele onderwijs zich alleen nog maar op die toetsprestaties te richten. Zo krijgen andere belangrijke taken, zoals bredere vorming, leren samenwerken en organiseren, minder aandacht. Scholen zijn bezig met hele kinderen.’

Maar moeten die dan niet rekensommen oefenen en correct leren spellen?

‘Zeker wel, je moet het allebei doen. Ook de Onderwijsraad constateert dat het vormingsaspect van het onderwijs wel heel erg in het gedrang aan het komen is. De grote nadruk op de kernvakken betekent een verschraling van waar het onderwijs voor moet staan.’

De minister zegt: anders verliezen we de slag met het Verre Oosten, waar ze nu al beter presteren.

‘Ook op de conclusies uit internationaal vergelijkende onderzoeken als PISA is nogal wat af te dingen. Natuurlijk moet je kritisch kijken naar het niveau van je prestaties, maar in die slag zijn creativiteit, probleem-oplossend vermogen en kritisch denken van minstens even groot belang.’

Wat is uw oplossing?

‘Ik ben voor wat ik noem betekenisvol leren. Dat je kinderen iets leert waarvan ze zelf kunnen inzien waarom ze het leren en wat ze ermee kunnen. Ik heb niets tegen oefenen, en tafels zul je altijd moeten stampen. Maar je kunt leerlingen ook laten zien waar dat voor is. Dat betekent trouwens niet dat onderwijs altijd leuk moet zijn.

Nadruk op presteren zou ook slecht zijn voor de kinderen die die niet in de hoogste regionen kunnen meedoen, zegt u.

‘Ik vind het hartverscheurend in een recent onderzoek te lezen dat vmbo’ers niets konden noemen waar ze goed in waren. De toetscultuur van nu benadrukt heel erg die hiërarchie. Vmbo-leerlingen moet veel meer het gevoel bijgebracht worden dat ze later echt wat gaan betekenen in de bejaardenzorg of als goede dakkekker.’

Hoe kijkt u in dit licht aan tegen het fenomeen van de tijgermoeder?

‘Omwille van prestaties kinderen moedwillig liefde onthouden en afbreken, vind ik heel erg. We willen straks niet alleen maar slimme bestuurders, maar ook verantwoordelijke topmensen. Aan de andere kant zie ik dat kinderen van nu aan heel veel verleidingen blootstaan. Dat de mediacultuur hun het gevoel geeft een ster te kunnen zijn zonder daar iets voor te hoeven doen. Ik vind dat kinderen best af en toe een schop onder hun kont mogen krijgen.’

bron: Onderwijskananders